Ook Atef Salib van Arabisch homogebeuren Habibi Ana wilde wel eens een stukje van mijn hand. Het ging tenslotte om de opening van zijn zaak, in aanwezigheid van oppertheedrinker Job Cohen. Moest kunnen. Mijn eigen woordje, uitgesproken tijdens hetzelfde evenement, komt hierna...
Woord van welkom
Meneer de burgemeester, vrienden en vriendinnen van Arabisch homocafé Habibi Ana en alle anderen die zo aardig zijn geweest hier naar toe te komen,
Van harte welkom!
Het is met gevoelens van trots dat ik hier sta in het nieuwe Arabisch homocafé Habibi Ana. Want de Arabische wereld en homoseksualiteit is niet altijd een gelukkige combinatie.
Dat heb ik vroeger, tijdens mijn jeugd in Egypte gemerkt, maar ook hier in het vrije, liberale, tolerante, gemakkelijke Amsterdam. Want ook bij ons is het niet altijd eenvoudig om homoseksueel te zijn tussen een groeiende Arabische, meestal Islamitische, bevolking. Homo’s worden hun huis uit gepest, onder bedreiging van takken en stenen in het water gegooid en dan heb ik het nog niet eens over die gewone, alledaagse discriminatie op straat. Die schijnt er gewoon bij te horen.
Homo’s die van buiten Amsterdam in de stad gaan wonen, komen vaak van een koude kermis thuis. Dat geldt ook voor de talloze homomannen en lesbische vrouwen die als toerist, voor studie of werk voor langere of kortere tijd in onze stad verblijven. Het begrip Amsterdam Gay Capital heeft door diverse incidenten waar Arabische jongens en mannen bij betrokken waren een flinke deuk opgelopen.
Maar burgemeester, dames en heren,
…vergeten we niet wat vaak dat ook veel homojongens en mannen een Arabische achtergrond hebben. En dat veel lesbische meiden en vrouwen afkomstig zijn uit een milieu waar zij waren voorbestemd om te worden uitgehuwelijkt aan een familielid of een bekende uit het dorp. Deze mensen zitten altijd in een tweestrijd tussen waar ze vandaan komen en waar ze naartoe willen. Een leven als homoman of lesbische vrouw, met de partner van hun keuze of als single. Als moslim, als jood, als christen of als niet gelovige.
Voor deze doelgroep heb ik zes jaar geleden het eerste Arabisch homocafé Habibi Ana opgericht. In een interview heb ik toen gezegd dat ik het café niet op commerciële basis zag. Er moest ruimte zijn voor ontmoetingen, gesprekken en discussies tussen homo-arabieren in een informele sfeer. En dat is gelukt. Tegelijkertijd bleek er behoefte aan een extra faciliteit, een ruimte waar men echt over gevoelens en gedachtes kon praten, maar niet in een cafésfeer. Met dat doel is een paar jaar terug de Stichting Habibi Ana in het leven geroepen. Ik ben blij en ik ben er trots op dat het café en de stichting zo’n succesvol bestaan leiden.
Meneer de burgemeester, dames en heren,
Sommigen van u weten dat ik graag in de keuken sta. In het eerste café Habibi Ana kon dat niet, omdat die keuken er niet is. Maar hier, honderd meter verderop heb ik de plek gevonden waar we niet alleen bier kunnen tappen en muziek kunnen draaien, maar waar we ook lunches kunnen bereiden en borrelhapjes kunnen klaarmaken. Ik hoop dat jullie daarvan straks zullen genieten.
Tot slot:
Met de opening van het café gaat ook een andere, grote wens van mij in vervulling. Namelijk dat het feest zou worden opgeluisterd door de Burgemeester van Amsterdam. Het is dan ook een grote eer voor mij om hem het woord te mogen geven: Job Cohen.