|
Sinds donderdag niet zo gelachen…
Eigenlijk wilde ik weer een stukje schrijven over de film. Maar collega Robbert Jan sneed mij de pas af met zijn geweldige bijdrage van gisteren. Ik bedoel: zijn column onder de titel Gerritjes trapauto, daar kan toch niets tegenop?
De schrijver laat meteen in de eerste alinea de naam van de hoofdfiguur vallen: Gerritje Wanders. Daarmee toont hij op briljante wijze aan de wet van de minimale verandering te beheersen. Want die Gerritje Wanders, wie zou dat toch zijn? De lezers staan voor een compleet raadsel…
In alinea twee kondigt Gerritje vanaf een glijbaan de introductie aan van een bijzonder vervoermiddel: een trapauto van goud en diamanten die sneller gaat dan alle trapauto’s in de hele wereld. Vooral die glijbaan vind ik een geniale vondst van Robbert Jan.
Niet alleen staat dit attribuut model voor vrijwel elke kinderfrustratie, ook kan het ding dienen als symbool voor een carrière waar hoog wordt ingezet, maar waar men uiteindelijk in de modder belandt Dit alles in combinatie met het beklimmen van een ladder, een duikvlucht, enzovoorts. Je moet er maar opkomen.
Tegelijkertijd maakt Robbert Jan middels het glijbaanmotief duidelijk, dat hij in een lange cabareteske traditie staat. Het was namelijk zijn Rotterdamse collega Jules Deelder die het speeltuig opvoerde in een beroemd geworden gedicht waarvan ik me alleen nog de laatste twee regels herinner: “…dat hij met zijn reet in een enorme splinter was gegleden/als een saté kwam hij beneden.”
Hier zien wij wat de vaderlandse kleinkunst vermag! Geen wonder dat Nederlandse cabaretiers wereldwijd op eenzame hoogte staan en dat hun prestaties eigenlijk alleen kunnen worden vergeleken met hun schaatsende landgenoten.
Maar het toppunt van humor staat in alinea acht. Dat Gerritje uiteindelijk komt aangereden in een trapauto vol eierdozen en wc-rollen is een regelrechte dijenkletser. Immers: wat heeft het doorsnee gezin uit Venlo in huis? Precies! Een stukgemaakt kralengordijn - hét interieurstuk van de burgerlijke middenklasse uit de jaren ’70 - completeert de grap.
Ik lag dubbel. Een hele prestatie, want ik had sinds het verschijnen van de film afgelopen donderdag niet zo gelachen. Hopelijk komt er snel weer nieuws over Natalee Holloway. Misschien dat Robbert Jan ons dan kan laten schateren om een column over Joris van der Vaart.
|